Wij zijn eerst begonnen met praten, onder andere met de toenmalige staatssecretaris van Rij. Zo hebben we geprobeerd om er gezamenlijk uit te komen. Uiteindelijk is met het kabinet afgesproken om de rechter om zijn mening te vragen.
In overleg is besloten dat er 4 rechtszaken gevoerd worden, zogenaamde proefzittingen. Deze 4 proefzaken zijn geselecteerd en voorgelegd aan de rechters van de rechtbank. Inmiddels hebben alle 4 de rechters uitspraak gedaan in het voordeel van de Belastingdienst.
De volgende stap is dat we de zaken voorleggen aan hogere rechters. In deze fase zijn we nu aanbeland. We wachten totdat de hogere rechters de zaken in behandeling nemen. We hopen dat in 2026 uitspraak wordt gedaan.
Als de hoogste rechter het standpunt van het kabinet ook steunt, dan zullen we overwegen om een juridische procedure te starten bij het Europees Hof van Justitie en/of de civiele rechter.